Het Groot-Tempelhof te Slijpe, de oude Commanderie de Flandres van de orde van de tempelridders (gem. Middelkerke, prov. West-Vlaanderen). Geïntegreerde analyse van het landschap, archiefbronnen en opgravingsresultaten 1971 - 2003

TitelHet Groot-Tempelhof te Slijpe, de oude Commanderie de Flandres van de orde van de tempelridders (gem. Middelkerke, prov. West-Vlaanderen). Geïntegreerde analyse van het landschap, archiefbronnen en opgravingsresultaten 1971 - 2003
PublicatietypeTijdschriftartikel
Publicatiejaar2006
AuteursZeebroek, I, Jansseune, G, Tys, D, Pieters, M
Titel van het tijdschriftRelicta. Archeologie, Monumenten- & Landschapsonderzoek in Vlaanderen
Volume of jaargang1
Begin en eindpagina's155-182
Plaats van UitgaveBrussel
Trefwoordenfundering, landelijke archeologie
Samenvatting

Inleiding
Verkennend archeologisch onderzoek , doel drieledig
- achterhalen welke mogelijkheden deze site nog in petto heeft voor doorgedreven wetenschappelijk onderzoek
- inzicht verwerven in de stratigrafische opbouw
- eerste balans van de beschikbare materiële bronnen na 28 jaar archeologische ativiteit
De tempeliers in het landschap van Leffinge en Slijpe, historische en historisch-geografische situering : De Tempelorde ; De oprichting van een commanderij in de kustvlakte van het Graafschap Vlaanderen ; Het Tempelhof te Slijpe ; Informatie over het gebouwenbestand uit iconografische bronnen
Het archeologisch onderzoek in de periode 1971 - 1998
Het bij deze opgravingen ingezamelde materiaal en de aangesneden structuren werden echter niet in detail onderzocht. Een uitgebreide studie van de mobilia is dan ook aangewezen en zou heel wat gegevens opleveren over de materiële leefwereld van de tempeliers en de ridders van Sint-Jan te Slijpe, maar valt buiten het kader van deze bijdrage. De aangetroffen hoeveelheid muurwerk toont in elk geval aan dat de site een stevig monumentaal karakter had.
Het archeologisch onderzoek in 2002 en 2003
Het oudste spoor : een kleiwinningszone (?) (ten vroegste begin late middeleeuwen)
Een zwart pakket (late 12de - voor 14de eeuw)
De laatmiddeleeuwse bakstenen structuren en graven : - De eerste fase van een imposante baksteenbouw ; - de tweede bakstenen fase - de verbouwingen ; - de graven ; de post-middeleeuwse contexten
Problematiek van de site en discussie :
De opgravingscampagnes van 2002 en 2003 leverden nieuwe resultaten op maar tevens ook veel nieuwe vragen.
Ondanks de zware verstoringen door bomkraters en/of granaattrechters op het tempelhof tijdens WOI zijn de middeleeuwse sporen toch nog leesbaar.
Sporen wijzen op activiteiten vanaf de late middeleeuwen, vanaf de 13de eeuw.
Oudste sporen, opvulling kleiwinningsput, vermoedelijk te koppelen aan tegel- en/of baksteenproductie ivm de oprichting vd. commanderij, gebouwen : kapel, poortgebouw en bakstenen gebouw met aanzienlijke afmetingen met verbouwingsfaze in de 14de eeuw.
De afmetingen van dit gebouw en zijn ligging nabij de kapel doen vermoeden dat het recent ontdekt gebouw een belangrijke rol vervulde in de werking van de commanderij. Dit brengt ons meteen bij de problematiek van de bouwkundige, landschappelijke en maatschappelijke betekenis van deze site in de context van de microregionale omgeving (Kamerlings Ambacht) , het graafschap Vlaanderen en van de tempeliersprovincie Frankrijk. Bij dit soort sites stelt zich de vraag hoe de vormgeving en uitwerking van het complex en haar landerijen (de commanderij) beantwoordde aan een bepaald concept met betrekking tot de werking en de rol van de gebruikers, in dit geval de militaire orde van de tempeliers. Die werking en rol was vrij specifiek, gezien het bijzondere karakter van de militaire orden : langs de ene kant ging het nog steeds om geestelijke, monastieke orden, maar langs de andere kant was hun seculiere, wereldse werking (militair, politiek, economisch) net hun kerntaak. Deze dualiteit vertaalt zich ook in de commanderijen, en zeker ook in de commanderij van Slijpe.
De kapel, de ommuring, het gastenverblijf en de aanwezigheid van een molen wijzen erop dat het tempelhof tot op een bepaalde hoogte geconcipieerd en gebouwd was als een klooster, volgens krachtlijnen die teruggaan tot de Regel van Benedictus. Als zodanig was het tempelhof zeker niet te vergelijken met de grote cisterciënzerabdij Ter Duinen, maar misschien wel met het complex van Ter Doest of met het uithof Ten Bogaerde, dat ook meer was dan alleen een boerderij.
Tegelijkertijd symboliseerde de monumentale toegangspoort het contact met de wereld, maar ook de hoge status van het Tempelhof. Dit, samen met de kunstzinnige inrichting van de kapel, wijst er toch op dat de commanderij uit de 13de eeuw ruimer was opgevat dan een louter agrarisch beheerscentrum. Daarnaast waren er natuurlijk ook de militaire rol van de orde, het belang van de politieke contacten van de orde met vooral het grafelijke hof en uiteraard ook de economische rol van de commanderij , die maakten dat het Tempelhof uiteraard meer was dan een geïsoleerd kloostercomplex.
De omvang van de site van het tempelhof en het gebouwenbestand, de afmetingen van de gebouwen en de landschappelijke inrichting en betekenisgeving van het tempeliersbezit moeten in deze context begrepen worden.
Zo is de totale oppervlakte van de bezittingen van de commanderij opmerkelijk groter dan de andere tempelhoven in Vlaanderen. De andere tempelhoven in het oude graafschap Vlaanderen bevonden zich in Ieper, La Haie, Kaaster, Cobrieux, Gent, Brugge, St-Léger, Ruiselede en Winnezele.
Het Tempelhof hing samen met een grondbezit van ongeveer 100 ha land, ingedeeld in grote blokpercelen. Deze rationele indeling van de gronden signaleerde dat men te doen had met een internationale economische grootmacht.
Afmetingen van de gebouwen als maatstaf voor het belang van de site. Voor Vlaanderen geen vergelijkingsmateriaal beschikbaar.
Uit de opgravingen blijkt hoe complex de (bouw-)geschiedenis en de evolutie van deze site is. Het tempelhof van Slijpe is duidelijk een uniek site voor Vlaanderen die nog heel veel potentieel heeft. Hopelijk kunnen deze inzichten in de toekomst verdiept worden door gericht wetenschappelijk onderzoek.

Citation KeyZeebroek:2006b
VerantwoordelijkeVAMEELS, CAI LLOMBAERT