Archeologie tussen Gete en Herk

TitelArcheologie tussen Gete en Herk
PublicatietypeTijdschriftartikel
Publicatiejaar1987
AuteursVan Impe, L, Maes, K, Vynckier, G
Titel van het tijdschriftArchaeologia Belgica
Volume of jaargang3
Begin en eindpagina's117-126
Trefwoordenhouten ton, landelijke archeologie, stadsarcheologie, tonput, trip, waterput
Samenvatting

Tussen de diverse percelen, die in de loop van de voorgaande jaren in Donk opgegraven waren, lag nog een ruime zone waar tot nu toe geen onderzoek mogleijk was geweest. Tijdens de campagne van 1986 lageden we er drie grote proefsleuven open. Tot onze verwodnering kregen we heir een beeld dat totaal verschillend was van datgene dat we in de onmiddelijke buurt ten noorden, oosten en zuidoosten bekomen hadden. Duidelijke archeologische sporen verbindne met de andere al gekende voorhistorische en romeinse bewoningshorizonten en begraafplaatsen bleek niet mogelijk. Een groot gedeelte van het weld was in de loop der eeuwen vrij diep bewerkt geweest, terwijl een verlaging van het terreinniveau heel wat sporen uitgewist kan hebben. Na drie proefsleuven meenden we het niet meer verantwoord in deze sector , tijd, geld en energie te investeren.
Het rooien van een grote plantage langs de zuidkant van de Grote Baan maakte eindelijk ruimte vrij voor onderzoek in de zuidelijke sector van het urnenveld. Hier kenden we amper enkele bij draineringswerken of woningbouw gevonden graven. Ten noorden van eerstegenoemde zone binnen dewelke zich de mesolithische concentratie 'Donk I' , het urnenveld, de Ijzertijdnederzetting en de opeenvolgende Romeinse nederzettingen tot op het einde van de 4de eeuw situaeren, ligt in de depressie van Halen-Schulen de 'donk' , waarop reeds in de 8ste eeuw een kerk vermeld wordt. De eerste proefopgraving op die plaats, nu ud Kerkhof genaamd, leverde benevens resten uit de Karolingische periode ook nog een keline concentratie van mesolithische artefacten op. Tenslotte hadden we in het centrum van Herk-de-Stad zelf te maken met een beperkte dringende tussenkomst, toen bij de bouw an een nieuw warenhuis enkele waterputten vrijgelegd werden.
Donk-Oud Kerkhof : Mesolithicum
Donk-urnenveld : de zuidsector
Oud kerkhof : Karolingisch domein
Herk-de-Stad : bouwwerf 'Unic'
Bij graafwerken tot op een diepte van ongeveer 4 m onder het huidige straatpeil nabij het marktplein van Herk-de-Stad kwamen enkele waterputten voor de dag.
Het ging om één houten en twee bakstenen waterputten.
Beide bakstenen waterputten, waarvan we alleen de bodem konden onderzoeken, zijn van niet zo heel veel belang. Een van beide leverde nog wat aardewerkscherven op, waarbij ondermeer Raerener-kruikfragmenten die het eerste gebruik vanaf het einde van de 16de eeuw kunnen situeren. Interessanter daarentegen is de derde put, een eikehouten ton, 18 duigen , 1,90 m, groot aantal krassen aan de binnenkant, aan de buitenkant tekens met dunne guts gestoken, Mogelijks betreft het hier inhouds- of ijkmerken en misschien wel een kuipersmerk. Een datering voor het eerste gebruik kan afgeleid worden uit enkel aardewerkscherven, die en eind 15de / 16de eeuwse indruk nalaten. Belangrijker dan het aardewerk is een houten trimpklomp, die dicht bij de bodem van de put werd gevonden
Tripklompen van dit type blijken vooral vanaf het eerste kwart van de 15de eeuw in de mode geweest te zijn. Welke huizen deze putten van water voorzagen kon niet meer nagetrokken worden.
Ontwikkeling van de houten ton uit de waterput : binnenzicht op de duigen - buitenzijde van de duigen - doorsnede van de ton in situ en schets van de duigen van de kleinere tonnen

Citation KeyVanimpe:1987b
VerantwoordelijkeMMARTENS, VAMEELS, KDEGROOTE, CAI AODB