Laat-Middeleeuwse klei- en veenwinning in de regio van de Westhoek

TitelLaat-Middeleeuwse klei- en veenwinning in de regio van de Westhoek
PublicatietypeTijdschriftartikel
Publicatiejaar1986
AuteursDe Ceunynck, R, Termote, J
Titel van het tijdschriftArchaeologia Mediaevalis
Volume of jaargang9
Begin en eindpagina's76-77
Samenvatting

De ondergrond van de kustvlakte bevat twee grondstoffen, nl veen en klei, die volgens de bodemkartering op grote schaal ontgonnen zijn. De datering en de reden van de veen- en kleiontginningen in de regio is, mede door de schaarste aan historische bronnen, nog steeds onvoldoende onderzoht. De laatste jaren echter levede geologisch en archeologisch onderzoek talrijke nieuwe gegevens op. Systematische veenwinning vanaf 12de - begin 13de eeuw. Hernieuwd onderzoek sinds 1983, nieuwe boringen en raadpleging bestaande boorarchieven : in tegenstelling tot eerdere hypotheses in centrum van de Moeren geen veenresten terug te vinden, noch aanwijzingen voor ontvening, in tegenstelling tot het randgebied. Deze vaststellingen liggen in de lijn van de historisch - geografische gegevens die aantonen dat de eerste uitveningen, hier eind 12de eeuwdoor de abdijen O.L.Vrouw Ten Duinen en Sint Niklaas Veurne opgestart, eveneens in de randzone gesitueerd zijn.
Bovendien bleek door terreinprospectie dat de veenwinning vooral in de laat-middeleeuwse periode had plaatsgevonden. Deze datering komt overeen met enkele, door archeologisch onderzoek gedateerde, grote veenputten in het poldergebied. Het ontgonnen veen werd o.a. aangewend als brandstof voor huishoudelijk gebruik, als brandstof voor de baksteenovens en als basisproduct voor de zoutwinning.
Zout , bakstenen en dakpannen vormden in de late middeleeuwen trouwens belangrijke exportproducten.
Uit deze nieuwe gegevens blijkt dat de grootscheepse veen - en kleiontginning in et poldergebied van de Westhoek vanaf eind 12de - begin 13de eeuw op gang kwam

Citation KeyDeceunynck:1986f
VerantwoordelijkeVAMEELS